zaterdag 21 juli 2018

Zelf praten = taalontwikkeling

Een van de leukste dingen aan het werken (en opvoeden) van kinderen vind ik om hun gedachtegang te horen.  Dit is soms best lastig om te ontlokken. Kinderen praten niet graag over hun gevoelens of wat hen bezig houdt. Dit komt omdat dit vaak te moeilijk is, het vraagt een goed taalvermogen om te kunnen reflecteren en te redeneren. De vraag: Wat denk jij? of Wat vind jij hiervan? zijn vaak moeilijke vragen. Oefening baart kunst!

Voorlezen
Tijdens het voorlezen van boeken valt mij op dat ouders en andere opvoeders (ook leerkrachten) veel  'overhoorvragen' stellen. Wat is dat? Wat deed Kikker? Deze vragen doen alleen een beroep het op korte termijn geheugen en vragen weinig taaldenkvermogen. Je hoeft alleen maar te herhalen wat er net gezegd is.

Taaldenkvragen = Interactief voorlezen
Het is veel leuker om vragen te stellen die het kind aan het denken zet:
Wat kun je vinden in de grond? 
Wat zal er gebeuren als ik een ei op de grond laat vallen?
Hoe kan Kikker nu uit de kuil komen?
Het is voor kinderen vaak even wennen om antwoord te moeten geven op een vraag tijdens het voorlezen. Overdrijf het dan ook niet, één of twee taaldenkvragen per bladzijde levert al een hogere betrokkenheid en kinderen praten meer. Taal leer je immers het beste door zelf te praten.

Betrokkenheid
Het allerleukst zijn vragen waar je zelf ook niet altijd het antwoord op weet. Kinderen gebruiken hun fantasie en hun taaldenkvermogen om zelf tot een antwoord te komen. Dit redeneren houdt kinderen betrokken bij je verhaal of de activiteit.
Koekjes bakken wordt een stuk taliger wanneer je als eerste de vraagt stelt: Wat hebben we nodig om koekjes te bakken? Laat het kind antwoord geven en pak de spullen die het nodig denkt te hebben. Al gaande weg komt het kind op eigen denkkracht er achter dat het geen koekenpan nodig heeft, maar wel een oven. Trots dat ze dan zijn! Uiteraard ook goed voor hun zelfvertrouwen.

Woordenschat = uitleggen
Wil je een nieuw woord leren aan je kind? Leg het dan op een duidelijke manier uit. Stel geen vragen als: Wat is een file? als het kind nog niet weet wat een file is. Door zelf na te denken kan het een verkeerde definitie geven en de betekenis hierdoor verkeerd opslaan.

Er zijn enkele kant-en-klare spelletjes en boeken met taaldenkvragen er in:
Knappe koppen bordspel












P-p-p-pa-pegaai is jarig 
 P-p-p-pa-pegaai is jarig












Kant en klare activiteiten met taaldenk vragen:












Lotte de dappere koe  / Gijs het sterke paard













Meer informatie of op zoek naar een cursus DGM (denkstimulerende gespreksmethodiek):
CED Groep, ook een aantal vrijgevestigde logopedisten geven een soortgelijke cursus aan pedagogen. Na te vragen bij de logopedist in je woonplaats.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten